Agentschap Telecom

Radioroepnaam

Zendstations van radiozendamateurs hebben ter identificatie een roepnaam. De officiële term hiervoor is radio-identificatie.

Een roepnaam leggen radiozendamateurs vast in het frequentiegebruikersregister. Radiozendamateurs gebruiken de roepnaam om hun station te identificeren als ze communiceren via de radio. Dit is een wettelijke plicht. De roepnaam bestaat uit een combinatie van letters en een cijfer. Wilt u een roepnaam registreren? Zoek in de roepletterlijst of de door u gekozen combinatie al in gebruik is.

Achtergrond van de roepnaam

De afspraken rondom radio-identificaties zijn internationaal vastgelegd bij de ITU, een onderdeel van de Verenigde Naties. Een roepnaam heet in het Engels ‘callsign’. Elke roepnaam is uniek. Het eerste deel is de zogenoemde prefix, twee letters en een cijfer. Daarna volgt de suffix: een lettercombinatie die de zendamateur in de meeste gevallen zelf kiest, met één, twee of drie letters. Sommige combinaties zijn niet mogelijk: SOS en de lettercombinaties QOA t/m QUZ. Dit laatste omdat deze zogenaamde Q-codes een eigen  betekenis hebben in het radioverkeer. De Q-codes zijn vastgesteld door de ITU en vormen een korte en duidelijke aanduiding voor vragen en antwoorden. Van oorsprong waren de Q-codes een middel om bij telegrafie steeds terugkomende vragen en antwoorden snel en duidelijk over te kunnen seinen.

Nederlandse roepnamen

In Nederland zijn roepnamen te herkennen aan de beginletters PA tot en met PI in de prefix. Hierna volgt een cijfer en maximaal drie letters.

Prefixen voor radiozendamateurs en organisaties

Nederlandse radiozendamateurs die zich als individu registeren, kunnen prefixen uit de PA tot en met PH-reeks aanvragen. PD is voor amateurs die een examen hebben gedaan volgens de N-eisen (novice). PI is er voor bijzondere experimenten en voor verenigingen, stichtingen en onderwijsinstellingen. Verenigingen van radiozendamateurs en onderwijsinstellingen zijn verder te herkennen aan het cijfer. Verenigingen en stichtingen hebben de 4 in hun prefix, onderwijsinstellingen de 5. Organisaties die voor ontwikkeling van de radiowetenschap experimenten doen hebben de prefix PI9.

Een F registratiehouder mag ook een roepnaam aanvragen met de prefix PD. Echter, op dat moment gelden voor u de rechten en plichten van een N registratiehouder!

Meer over roepnamen leest u in het document toewijzen radio-identificaties.