Agentschap Telecom

Juridisch kader radiozendamateurs

Wetten en regels voor radiozendamateurs

Radiozendamateurs maken voor hun hobby gebruik van frequentieruimte. De Telecommunicatiewet en vooral de daarop gebaseerde Regeling gebruik van frequentieruimte met meldingsplicht 2015 bevatten voorschriften die relevant zijn voor radiozendamateurs. Door goede naleving is het risico op verstoringen in de ether zo klein mogelijk. Radiozendamateurs hoeven sinds 2008 voor het gebruik van frequentieruimte geen vergunning meer te hebben. Wel geldt er nog een examen- en registratieplicht. Een vergunning is nog wel nodig bij onbemand frequentiegebruik en andere bijzondere toepassingen. Hieronder volgt een verkorte weergave van de regels.  Via de verwijzingen in de tekst kunt u rechtstreeks naar toepasselijke wetsartikelen. U kunt ook de volledige regeling lezen. Nadere eisen worden gesteld in de gebruikerseisen amateurfrequentiegebruik.

Radiozendamateur: definitie

Een radiozendamateur maakt vanuit een persoonlijke belangstelling en zonder financieel oogmerk gebruik van bepaalde frequentieruimte. Zo doet een radiozendamateur vaardigheden op, communiceert hij via de radio en doet hij technisch onderzoek.

Welke eisen stelt de wet?

Degene die het radiozendapparaat gaat bedienen, moet aantonen bekwaam te zijn. Radiozendamateurs dienen met goed gevolg een examen af te leggen. Het frequentiegebruik registreren zij in het gebruikersregister van Agentschap Telecom. De minimumleeftijd voor radiozendamateurs is veertien jaar als zij volledige toegang tot de frequentieruimte willen. Dit noemen we registratie F, waarbij F staat voor ‘full’ of volledig. Hiervoor geldt examen F als verplichting. Vanaf de leeftijd van 12 jaar kunnen radiozendamateurs beperkte toegang tot de frequentieruimte krijgen. Dit heet registratie N, waarbij N staat voor ‘novice’ (letterlijk: nieuweling). Hiervoor geldt examen N als verplichting.

Verenigingen en onderwijsinstellingen

Voor het gebruik van frequentieruimte voor radiozendamateurs door verenigingen en onderwijsinstellingen gelden specifieke voorwaarden.

Internationale regels

Radiofrequenties houden zich niet aan landsgrenzen. Daarom zijn er wereldwijd regels over frequentiegebruik gemaakt. Door de Internationale Telecommunicatie Unie (ITU), een gespecialiseerde organisatie van de Verenigde Naties, zijn wereldwijd afspraken vastgelegd.

In Europa zijn er ook afspraken over frequentiegebruik. De Nederlandse wettelijke eisen voor radiozendamateurs zijn grotendeels gelijk aan die van andere landen binnen de Europese organisatie voor post en telecommunicatie CEPT. De in Nederland bestaande registraties F en N komen overeen met de CEPT-categorieën Full en Novice.

Hinder en storing

Het gebruik van zendapparatuur kan met zich meebrengen dat er op de gebruikte frequenties storing wordt ervaren en/of dat het gebruik van radiofrequenties andere apparaten stoort. Het is van groot belang om van beide zaken goed te weten wat er wel en niet mogelijk is voor u zelf of voor uw contact met Agentschap Telecom over ‘storing’. Er is een verschil tussen storing en hinder. Hinder zult u of degene die last heeft van uw uitzending moeten accepteren, maar storing wordt behandeld door inspecteurs van Agentschap Telecom.

Ga naar onze webpagina over hinder en storing om te lezen wat u als radiozendamateur zelf kunt doen om hinder en storing van anderen te verhelpen of te voorkomen.

Mocht u tot de conclusie komen dat er in uw geval sprake is van ‘storing’, dan kunt u een storing melden bij Agentschap Telecom. Daarbij is het van belang om eerst zoveel mogelijk onderzoek te doen en bij uw melding zoveel mogelijk eigen onderzoeksresultaten te vermelden. Hiermee kan een inspecteur gericht en zonder tijd te verliezen op zoek naar de oorzaak en oplossing van uw storing.