1. U bevindt zich op: Home
  2. Onderwerpen
  3. Luchtvaart
  4. > Radionoodbakens

Radionoodbakens

Een vliegtuig moet onder bepaalde voorwaarden zijn uitgerust met een radionoodbaken, een Emergency Locator Transmitter (ELT). De ELT is van levensbelang in geval van nood. Het zendt in noodsituaties een radiosignaal uit.

Satellieten van Search and Rescue Satellite-Aided Tracking (SARSAT) vangen het signaal op. Zij sturen het vervolgens door naar het dichtstbijzijnde Mission Control Centre (MCC). Het MCC geeft de informatie weer door aan het dichtstbijzijnde kustwachtstation (Rescue Control Centre, RCC) dat de reddingsoperatie leidt.

De alarmmelding van een geregistreerd 406 MHz-baken voorziet de coördinator van een reddingsoperatie van essentiële informatie. Denk hierbij aan een beschrijving van het luchtvaartuig, het registratienummer en de contactpersoon bij noodgevallen.

De ELT werkt op de frequentie 406 MHz. Het baken valt daarmee onder de Telecommunicatiewet. U hebt een vergunning nodig om het apparaat te kunnen gebruiken. Bij Agentschap Telecom kunt u een vergunning voor een ELT aanvragen in de categorie beperkte of volledige toegang luchtvaart-frequenties.

In welke situaties een vliegtuig moet zijn uitgerust met een ELT en hoe het baken geprogrammeerd moet worden, is vastgelegd in de ‘Regeling navigatie- en telecommunicatie-installaties’ van de Minister van Verkeer en Waterstaat.

Share |